Laat zien dat W niet beslisbaar is. Stel dat W beslisbaar is, dan moet er dus een TM zijn die W beslist. W = {M | M is een deterministische TM die de functie f berekent} f is berekenbaar (gegeven) dus er is een TM die deze functie berekent, noem deze TM A. Merk op dat elke M in W dezelfde taal heeft (nl. de functie f). W heeft dus minimaal A Stel nu een willekeurige andere TM M die ook f berekent, deze hoort dus ook in W Reduceer EQtm <= W de beslisser van W kan er als volgt uit zien BW = "Op invoer M: 1. Vergelijk L(A) met L(M), en accepteer als beide talen gelijk zijn, anders verwerpen" Merk op dat stap 1 een mogelijkheid vereist om de talen van 2 TMs met elkaar te vergelijken. Dit kun je dus vervangen door een beslisser van EQtm. EQtm is niet beslisbaar (zie boek voor het bewijs etc etc) Dus W is dus ook niet beslisbaar